Mijn lievelingsgedicht van Rumi

Vandaag deel ik een van mijn lievelingsgedichten. Hij is van de dichter Maulana Jalaluddin Rumi, die van 1217-1273 in Turkije leefde. Zeker in deze huidige tijd, waarin ik meer dan ooit geconfronteerd word met mezelf , haal ik steun uit dit gedicht, dat zo beeldend en treffend weergeeft hoe ik om kan gaan met mijn schaduwkanten en onwelkome gevoelens (in plaats van vlucht-, vecht-, zwelg,- ontken- of verstijfgedrag te vertonen). 

Dit mens-zijn is een soort herberg.
Elke ochtend een nieuw bezoek.

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid,
een flits van inzicht komt als een onverwachte gast.

Verwelkom ze; ontvang ze allemaal gastvrij
Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt

die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.
Behandel dan toch elke gast met eerbied.

Misschien komt hij de boel ontruimen
om plaats te maken voor extase…

De donkere gedachte, schaamte, het venijn,
ontmoet ze bij de voordeur met een brede
grijns en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt
de hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd
om jou als raadgever te dienen.

Kende jij dit gedicht al ? En heb jij ook zo van die teksten waar jij troost uit haalt ? Liefs, Vera

Ik ga op berenjacht

De laatste tijd zag ik ze steeds vaker : knuffelberen voor het raam. En waar ik eerst dacht dat het een initiatief was om hulpverleners te bedanken in deze bijzondere tijden, blijkt dat we hier te maken hebben met iets heel anders : namelijk een heuse berenjacht ! En vandaag vertel ik je daar meer over.

Waarom een berenjacht ?

Omdat wij momenteel zoveel mogelijk binnen moeten blijven, en alleen even een frisse neus mogen halen tijdens een dagelijks ommetje in de buurt, is deze berenjacht bedacht om kleine kinderen te vermaken. Door op jacht te gaan naar beren, hebben de kids (en hun ouders) niet alleen een doel, maar ook een afleiding : wie ziet de meeste beren ?

Een stukje achtergrond

Het Australische prentenboek Wij gaan op berenjacht van Michael Rosen en Helen Oxenbury is de oorspronkelijke inspiratie voor deze activiteit. In dit boek gaan vier kinderen samen met hun vader op berenjacht. Ze zijn nergens bang voor. Ze gaan dwars door sneeuwstormen, kolkende rivieren en donkere wouden heen. Maar dan komen ze een echte beer tegen… Gelukkig is de berenjacht waar ik het over heb een stuk minder gevaarlijk !

Een plaat uit het boek “Wij gaan op berenjacht”

Hoe werkt de berenjacht ? en hoe doe je mee ?

Meedoen aan de Berenjacht is heel simpel : je zet een beer of ander knuffelbeest voor het raam en kinderen kunnen vervolgens op ‘jacht’ gaan en beren spotten in hun eigen wijk. Zo hebben ze iets leuks te doen als ze even een frisse neus halen.  Iedereen, dus jij ook, kan mee doen, je hoeft alleen een knuffelbeer voor het raam te zetten.

Ook ik heb inmiddels een knuffelbeer voor een raam gezet, en deze verplaats ik om de zoveel dagen, om het voor de berenjagers van mijn wijk een beetje spannender te maken.

Maar zelf ga ik ook geregeld op jacht, want nu ik weet dat er overal beren kunnen staan, let ik daar op tijdens mijn essentiële verplaatsingen. En op de meest vreemde plekken zie ik verstopte knuffels. Het is super leuk hoor, om ze te spotten, of om er met mijn Dochter een wedstrijdje van te maken wie ze het eerste ziet !

De BELANGRIJKSTE spelregel

De berenjacht is en blijft puur bedoeld voor kinderen én hun ouders die een ommetje maken in de buurt. Het is dus níet de bedoeling dat je er lukraak op uit gaat om overal en nergens beren te gaan spotten; Pokémonachtige taferelen zijn in deze tijden van corona ab-so-luut niet de bedoeling !

En last but not least : het is bij het speuren belangrijk om de geldende maatregelen in acht te blijven houden. Ga daarom alleen met je eigen kinderen speuren in je eigen buurt. Spreek niet met andere gezinnen af om samen op jacht te gaan. Houd nog steeds 1,5 meter afstand van elkaar en wandel waar niet teveel mensen zijn. Stay safe !

Ben jij al op berenjacht gegaan ? En heb jij ook een knuffelbeer voor je raam staan ? Liefs, Vera

1 april, kikker in je bil !

1 april kikker in je bil die er nooit meer uit wil …“. 1 april grappen, normaal gesproken heb ik daar niet zoveel mee, maar nu, in deze speciale tijden, heb ik juíst behoefte aan flauwe grappen en grollen. Dus reken maar dat ik mijn omgeving ga proberen te foppen vandaag. Maar waar komt de traditie van 1 april eigenlijk vandaan ? En waarom die kikker ? Ik zocht het uit.

Waarom 1 april ?

In 1582 vond de wijziging van de Gregoriaanse kalender plaats. Vóór die tijd werd het Nieuwjaar gevierd van 25 maart tot 1 april, daarna op 1 januari. Deze wijziging was aanleiding voor het opzettelijk uitnodigen van mensen voor niet gehouden feestjes tijdens het “oude” Nieuwjaar, of het vragen aan knechten om verzonnen, niet-bestaande dingen, zoals bijvoorbeeld muggentongetjes of een glazen bijl, op de markt te gaan halen.

Maar waar komt die kikker dan vandaan ?

De oorsprong daarvan dateert terug tot de 16e eeuw. Volgens de overlevering wilde de Hertog van Alva het Nederlandse volk voor de gek houden. Hij had besloten om een hele lading eten neer te leggen, en dan samen met zijn leger stiekem achter een heuvel te gaan liggen. Toen de mensen buiten de stadspoorten kwamen om het eten te pakken, kwamen de Spanjaarden tevoorschijn, allemaal met een kikker in de hand, en die schoven ze vervolgens in de billen van de mensen. Tja …

Geen kikker maar een vis

Waar we in Nederland met een kikker te maken hebben, moet je in België, Frankrijk, Zwitserland en Italië juist uitkijken voor een vis. Het is in deze landen namelijk een traditie om op 1 april ongemerkt een papieren vis op iemands rug te hangen. Als die de grap ontdekt roepen ze “Aprilvis !”.

Tot zover de oorsprong van deze dag. Ik ga me nog eens beraden op een leuke grap om mijn omgeving te foppen. Oh trouwens, je veter zit los !

Wie ga jij vandaag eens voor de gek houden ? Liefs, Vera

Positieve inzichten door de tijden van corona

Ik zal heel eerlijk zijn : de huidige COVID19 Corona-crisis beangstigt me behoorlijk. Het verloop van de ziekte houdt me meer dan me lief is in de greep, en ik kan niet wachten tot alle ellende voorbij is. Maar omdat alles wat je aandacht geeft, groeit, deel ik vandaag een overzichtje van positieve dingen die juist door deze crisissituatie zijn ontstaan en waar ik eerlijk gezegd heel blij mee ben :

Ik houd veel meer geld in mijn zak

De avonden en de weekenden breng ik zoveel mogelijk binnenshuis door, en ook op de dagen dat ik werk, rijd ik rechtstreeks van huis naar kantoor en terug. Geen dagjes weg, geen etentjes buiten de deur, geen buiten-de-deur-lunches meer met collega’s, en ook mijn tussen-de-middaagse shoprondjes sla ik over. Ik houd dus veel meer geld over in mijn portemonnee.

Ik heb veel meer tijd over

Ik heb geen hele grote vriendenkring of een heel erg uitgebreid privé leven, maar toch merk ik dat ik veel meer ruimte in mijn agenda heb, en dat mijn To-Do-lijsten aanzienlijk korter zijn. Meer dan “normaal” heb ik ruimte om eens op m’n gemak te zitten. Dat geeft rust !

Mijn huis is nog nooit zo opgeruimd geweest

Doordat ik meer tijd over heb, en deze meer thuis doorbreng, is mijn huis schoner en opgeruimder dan ooit. Heerlijk !

Consuminderen

Deze situatie van noodgedwongen binnenzitten, misgrijpen in de schappen van de supermarkt, en niet even tussendoor buiten de deur vertier kunnen zoeken, heeft me in doen zien dat ik echt méér kan met minder. En dat ook wil. Er is echt niks mis met een dag binnen zitten, een wandelingetje maken, eten uit de voorraadkast, en het doen met de dingen die je al hebt. Terug naar de basis, bewuster omgaan met de spullen die je hebt, hergebruiken, en minder verspillen. Ik ben dat zeker in gaan zien.

Prioriteiten zien

Meer dan ooit besef ik me hoe goed we het eigenlijk hebben, en dat alles valt of staat met gezondheid, vrede, rust en andere dingen die we eigenlijk zo vaak zo vanzelfsprekend nemen.

Welke dingen ben jij in gaan zien door deze crisissituatie ? Stay safe. Liefs, Vera

Carpe Diem

Carpe Diem, oftewel : “pluk de dag”; we kennen de spreuk allemaal wel. Zelf probeer ik zeker van iedere dag te genieten, en niet tot morgen uit te stellen wat vandaag gedaan kan worden. Maar waar “Carpe Diem” nou eigenlijk vandaan komt, daar was ik eigenlijk wel benieuwd naar. Ik zocht het op, en vandaag vertel ik het je.

Op Internet zijn er vele gedichtjes met als thema “Carpe Diem” te vinden, maar het oorspronkelijke Carpe Diem komt toch echt van de Romeinse dichter Horatius, die geboren werd in 65 voor Christus, en stierf in 8 na Christus.

Quintus Horatius Flaccus

Carpe Diem – de oorspronkelijke tekst

Tu ne quaesieris – scire nefas – quem mihi, quem tibi
finem di dederint, Leuconoe, nec Babylonios
temptaris numeros. Ut melius, quidquid erit, pati!
Seu plures hiemes seu tribuit Iuppiter ultimam,
quae nunc oppositis debilitat pumicibus mare
Tyrrhenum, sapias: vina liques et spatio brevi
spem longam reseces. Dum loquimur, fugerit invida
aetas: carpe diem, quam minimum credula postero.

in het nederlands vertaald

Onderzoek niet, het is goddeloos om het te weten, welk einde de goden aan mij, welk aan jou
hebben gegeven, Leuconoë, en raadpleeg ook niet de berekeningen
van de Babyloniërs. Hoeveel beter is het, wat het ook maar zal zijn, te dragen!
Hetzij Jupiter meer winters, hetzij hij deze als laatste toedeelt,
die de Tyrreense Zee nu met er tegenover gelegen rotsen verzwakt,
moge je wijs zijn: moge je de wijn zeven en op korte termijn
lange hoop snoeien. Terwijl wij praten zal de afgunstige tijd al gevlucht zijn
Pluk de dag, zo min mogelijk vertrouwend op de volgende dag.

pluk de dag en sla je slag

Kortom, Carpe Diem is onlosmakelijk verbonden met genieten. Genieten van het hier en nu, en niet te veel bezig zijn met wat er in het verleden of de toekomst ligt. Zoiets als “pluk de dag en sla je slag”, één van mijn leefregels.

In hoeverre lukt het jou te genieten van het NU, en niet te veel aan de zorgen van morgen te denken ? Liefs, Vera